Discipline?!

En elke sporter krijgt er vroeg of laat mee te maken; discipline...het volgende artikel is geschreven met als voorbeeld yoga, maar dit geldt natuurlijk voor elke tak van sport.

Discipline?!
Het maakt niet uit hoe moeilijk het is om jezelf naar de yogales te slepen, het is onvermijdelijk dat je jezelf nadien beter voelt; licht, helder en fit. Op dat moment lijkt het ondenkbaar dat je ooit zou weerstaan om opnieuw te trainen. En toch zelfs na een lekkere les, kan de weerstand tegen trainen dezelfde dag weer ontstaan. Je kan een geestelijke strijd ervaren als je in bed ligt, terwijl je probeert om te beslissen of en wanneer je uit je bed komt voor die eerste zonnegroet.

Deze ervaring van weerstand is niet alleen een modern verschijnsel van onze overbelaste cultuur. Door de geschiedenis van yoga heen, hebben studenten te kampen met wat het precies betekent om te oefenen, wat discipline is en hoe te overwinnen van de terugkerende weerstand tegen het oefenen/trainen.

Patanjali spreekt in zijn Yoga Sutra over: “Controle over de wervelingen van gedachten ontstaan uit discipline (abhyasa) en onthechting (vairagya)”.
Op het eerste gezicht lijken discipline en onthechting elkaars tegenpolen: discipline vergt de beoefening van de wil, terwijl onthechtheid meer een kwestie van overgave is. Maar in feite zijn ze complementair in yoga, de een heeft de ander nodig voor de volledige expressie.

Abhyasa of discipline roept helaas bij vele van ons weerstand op. Het brengt herinneringen terug van de tijd dat je verplicht 30 minuten op de pianokruk moest zitten om te oefenen. Of wij hebben in onze gedachten discipline gekoppeld met straf. Maar het soort discipline die Patanjali bedoelt met abhyasa is heel anders dan het gevoel van macht en zelfs geweld wat mensen associëren met het woord discipline.
Discipline is hetgeen je cultiveert en wat ontstaat als een gevolg van twee dingen; helderheid in je voornemen en vastberadenheid. Ter vermindering van de weerstand tegen je training, neem je tijd om duidelijkheid te scheppen. In slechts een paar seconden voordat je met je training start, vraag jezelf af waar je training vandaag over gaat. Concentreer je eerst op duidelijkheid, niet op actie. Het maakt niet uit waar je antwoord naar leidt; een uitdagende fysieke training of een rustgevende training, vanuit die duidelijkheid zal je er meer uit je training halen. Met je energie beter gericht, gefocust, zal je meer genieten van je training en zo zal na verloop van tijd je weerstand verminderen.

Yoga is een training die niet alleen over actie gaat, maar houdt ook waarneming en vertrouwen in. Wanneer we kijken naar onze weerstand tegen de training en vervolgens kiezen om hoe dan ook tot actie over te gaan, wordt onze training een uitdrukking van ons vertrouwen in yoga. Een vertrouwen die afkomstig is van zowel onze ervaringen uit het verleden als het vertrouwen dat onze training behouden blijft als we in het onbekende springen. Dus train zonder te willen weten hoe het resultaat zal zijn.
Het spreekt vanzelf dat samen met de duidelijkheid en vertrouwen, de inzet enige bereidheid en inspanning vraagt. Inzet voor het trainen betekent dat ik train al is het makkelijk voor mij, en ik train al is het moeilijk voor me. Als ik me verveel, train ik; als ik enthousiast ben, train ik; als ik thuis ben, train ik; als ik op vakantie ben, train ik.
In het begin is deze aanhoudende inspanning wellicht een daad van de wil, een daad van het ego. Maar als we doorgaan, brengt de training je over de moeilijke momenten van angst en verveling heen.
Deze samenhang van inzet blijkt uit de bereidheid om op de mat te staan en te zijn in dat wat opkomt in je training op dat moment. De training gaat niet alleen maar over het bereiken van een bepaalde fysieke of emotionele doel. In feite, als je oefent in jouw duidelijkheid, inzet en vertrouwen, wanneer jij ervoor kiest om te trainen, heb je al veel doelen in yoga bereikt.

Om echt de aard van de inzet en standvastigheid die Patanjali met abhyasa bedoelt te bereiken, moeten wij de tweede activiteit die hij noemt beoefenen: vairagya, of onthechting. Vairagya kan ook worden gezien als loslaten, als overgave en ontspanning. Maar blindelings laten gaan is niet vairagya.
Als je wakker wordt en weestand voelt tegen een training, geef jezelf dan niet de schuld voor je terughoudendheid, maar richt je op vairagya en abhyasa. Kijk naar je intentie en verduidelijk die en heroriënteer je op jouw inzet; ik kan toegeven aan mijn staat van weerstand zonder die te aanvaarden en ten slotte kan ik kiezen om mijn gehechtheid aan het resultaat van mijn oefensessie loslaten.
Ik kan ook mijn twijfels, angsten, onzekerheid en strijd loslaten en in mijn helderheid, kracht, vastberadenheid en vertrouwen in het proces van yoga gaan. In plaats van moeilijkheden te ontlopen, kan ik kiezen welke uitdaging ik wil: de uitdaging van de verandering en de groei of de uitdaging om te blijven waar ik al ben. Wil ik liever omgaan met de problemen die zich misschien tijdens mijn training openbaren of met de problemen van in de weerstand blijven en leven zonder de positieve effecten van mijn training?
Als je dit leest, ben je waarschijnlijk al uit bed, sta je op de mat en geniet je van je training en voel je veel minder weerstand als je morgen wakker wordt.

Artikel van Judith Hanson Lasater


(C) 2005 - Alle rechten voorbehouden

Deze pagina afdrukken